Adverteren in Lourens J.C.

Lourens J.C. is een eigentijdse bladformule over mode & wonen. Door de exclusieve uitstraling is het glossy tijdschrift een perfect advertentiemedium voor winkels en bedrijven die zich willen onderscheiden. Verder »

Blijf op de hoogte

Blijf op de hoogte van shoppingtrends en onze luxe sfeerevents. Vul onderstaand formulier in en ontvang geregeld onze digitale nieuwsbrief. Verder »

HANS WIEGEL

Hans Wiegel

VVD-coryfee Hans Wiegel is al een tijdje verdwenen uit de actieve politiek. Toch weten de media hem nog altijd te vinden. Voor analyses met pittige quotes.

Voorzitter van Zorgverzekeraars Nederland, commissaris en adviseur van verschillende bedrijven, columnist en veelgevraagd politiek commentator. De 69-jarige Hans Wiegel houdt niet van stilzitten. ‘Wat moet ik dan de hele dag doen?’, is zijn reactie op de opmerking dat hij actief is voor een man die de pensioengerechtigde leeftijd ruimschoots heeft bereikt. Om de suggestie ‘golf bijvoorbeeld’ moet hij lachen. ‘Ik ga toch niet met een stok tegen een balletje slaan? Ik sport niet, ik doe aan denksport en rook sigaren,’ zegt hij.

We hebben afgesproken het niet over de actuele politieke situatie te hebben. Maar wie het over Hans Wiegel heeft, denkt toch in eerste instantie aan politiek. Dus beginnen we met een terugblik op zijn politieke carrière. Hij werd geboren in Amsterdam en verhuisde daarna met zijn ouders naar Hilversum. ‘Ik zat op het gymnasium, waar een enthousiaste leraar mijn belangstelling voor geschiedenis en staatsinrichting aanwakkerde’, kijkt Wiegel terug. Hij sloot zich aan bij de JOVD, waarvan hij halverwege de jaren zestig voorzitter werd. Niet lang daarna werd hij gevraagd om zich verkiesbaar te stellen voor de Tweede Kamer.

Coryfeeën
‘Het was de tijd van partycoryfeeën als Toxopeus, Geertsema en Haya van Someren. Ik was nog jong, druk bezig met mijn studie – eerst rechten en daarna politieke wetenschappen – en voelde me vereerd dat ik voor de kieslijst werd gevraagd. Tegen de ouderen binnen de partij keek ik op, het waren voorbeelden. De manier waarop Haya van Someren bij een JOVD-bijeenkomst in Laren over het belang van onderwijs sprak, was voor mij een van de aanleidingen om politiek actief te worden. Goed onderwijs is een breekijzer in maatschappelijk verstarde verhoudingen. Mensen moeten de kans krijgen zich te ontwikkelen.’ Zijn overtuiging berust ook op ervaring, want een onderwijzer van de lagere school wist zijn ouders ervan te overtuigen hun zoon naar het gymnasium te sturen. ‘Verder leren kwam in onze familie eigenlijk niet voor, maar mijn ouders gaven me kans wel en steunden me. Uit jezelf halen wat erin zit, zuinig zijn, opkomen voor mensen die dat nodig hebben en verantwoordelijkheid dragen. Zo ben ik opgevoed.’ Als achttiende op de kieslijst dreigde hij bijna buiten de boot te vallen, toch kwam Wiegel in 1967 in de Tweede Kamer. Zijn mentoren waren Haya van Someren en Harm van Riel. ‘Ik moest alles leren en was bloedfanatiek. De eerste tijd combineerde ik studie en werk, maar op een gegeven moment werd ik aangesproken door CHU-politica freule Wttewaall van Stoetwegen. Zij vertelde me dat ik moest oppassen, omdat ik anders zowel een gesjeesde student als een gesjeesd Kamerlid dreigde te worden. Ze had gelijk. Ik moest een keuze maken.’

Het werd de politiek, met als eerste portefeuille volkshuisvesting. ‘Daar wist ik helemaal niets van, dus moest ik keihard werken om me die kennis eigen te maken. Avond aan avond trok ik het land in voor spreekbeurten en discussieavonden. Soms zaten er maar vijf mensen in de zaal, tja.’ Zijn ijver bleef niet onopgemerkt. In 1971 volgde hij Geertsema op als fractievoorzitter. ‘Ik was 29 jaar en realiseerde me dat ik een enorm risico nam. Samen met mijn ouders had ik een huisje in het noorden van Friesland en daar heb ik in m’n eentje een paar dagen goed nagedacht over mijn besluit.’ Hij waagde de stap. ‘Misschien krijg je een vraag als deze maar eens in je leven. Die kans wilde ik niet voorbij laten gaan.’

Geweten
Wiegel verzamelde een groep betrouwbare en ervaren mensen om zich heen. ‘Ik houd ervan mensen de ruimte te geven, mijn ervaring is dat ze dan zelf hun verantwoordelijkheid nemen.’ Die ruimte gaf hij ook bij stemmingen in de Eerste en Tweede Kamer. ‘Parlementsleden moeten hun eigen geweten kunnen volgen. Zo heb ik Haya van Someren geen strobreed in de weg gelegd toen ze als

hans









VVD-fractievoorzitter in de Eerste Kamer – tegen de partijlijn in - tegen de abortuswet wilde stemmen.’ Zelf deed hij het in ‘de Nacht van Wiegel’, toen hij als enige VVD-senator tegen het correctief referendum stemde, waardoor het voorstel onvoldoende stemmen haalde met een kabinetscrisis als gevolg. Vindt hij niet dat de CDA’ers Koppejan en Ferrier de mogelijkheid moeten hebben hun geweten te volgen? ‘In dit geval zeer zeker niet’, is het gedecideerde antwoord. ‘Het CDA heeft voor de verkiezingen aangegeven de PVV niet bij voorbaat uit te sluiten als coalitiepartner. Als deze mensen daar zwaarwegende bezwaren tegen hadden, hadden ze die eerder te kennen moeten geven. Nu kwamen ze er in een te laat stadium mee.’  Voor dergelijke analyses wordt Wiegel regelmatig gezocht door de media. ‘Als ik zou willen, kan ik in politiek spannende tijden elke dag op televisie zijn. Maar daarin ben ik selectief. Een programma als ‘De Wereld Draait Door’ vind ik minder goed bij mij passen. Dat is me wat te snel en schreeuwerig. Dat doe ik niet meer.’

Friesland
Van Amsterdam naar ’t Gooi, weer Amsterdam en daarna Amerongen. Nadat hij in het eerste kabinet Van Agt minister van Binnenlandse Zaken en vicepremier was, vertrok hij begin jaren tachtig naar Friesland, als commissaris van de koningin. ‘Ik voel me overal thuis, maar Friesland heeft me altijd getrokken. Ik hoef niet zo nodig verre reizen te maken, nu ben ik ook weer bezig met een vakantiehuisje in Friesland,’ zegt Wiegel. Hij genoot van zijn tijd als commissaris van de koningin, maar na zo’n twaalf jaar begon hij toch weer na te denken over iets nieuws. ‘Ik heb altijd als stelregel gehad, dat je moet vertrekken op een moment dat ze het nog jammer vinden dat je weggaat.’

Hij werd gevraagd als voorzitter van Zorgverzekeraars Nederland, een functie die hij sinds 1995 vervult. Daarnaast heeft hij verschillende commissariaten en adviesfuncties binnen het bedrijfsleven. ‘Ook tijdens mijn actieve jaren in de politiek heb ik altijd contact gehouden met het bedrijfsleven. Van huis uit ben ik ondernemer: als achttienjarige runde ik het bedrijf van mijn vader als mijn ouders met vakantie waren. Ik ken veel mensen en heb veel contacten binnen het bedrijfsleven. Zodoende word ik regelmatig voor adviesfuncties benaderd, die ik met veel plezier vervul. Binnen het bedrijfsleven geldt net als binnen de politiek: blijf eerlijk, recht door zee en loop niet weg als het moeilijk wordt. Aan dat laatste heb ik een ontzettende hekel. Je moet een schip niet verlaten als het in zwaar weer zit.’

Partijprominenten worden graag geciteerd, maar ook verguisd. ’Mastodonten’ of ‘dinosaurussen’ zijn kwalificaties die in dit verband wel worden gebruikt. Hoe kijkt Wiegel daar tegenaan? ‘Toen ik begon in de politiek, was er meer respect voor de kennis en ervaring van ouderen dan tegenwoordig. De sfeer was goed, en dat mis ik wel eens in de huidige politiek. Joop den Uyl en ik voerden felle discussies, maar ik was zeer op hem gesteld. Maar om terug te komen op de meningen van partijprominenten: je moet altijd overwegen wat het effect is wanneer je in het openbaar je mond open doet. Je moet gehoor vinden. Er zijn partijprominenten die op een andere lijn zitten dan de brede achterban van hun partij, en daarvoor moet je oppassen. Je moet jezelf niet loszingen van de achterban, feeling houden is de kunst. Ik heb altijd opengestaan voor  andere mensen en heb daar veel van geleerd. Dat ik dat doe, is geen verdienste. Het moet in je zitten.’